De aangescherpte voorwaarden voor tentoonstellingen met hoenders en watervogels leiden begrijpelijkerwijs tot teleurstelling. Zeker wanneer verenigingen en organisatoren al maanden bezig zijn met de voorbereiding van een tentoonstelling en daar veel tijd, energie en enthousiasme in hebben gestoken.
Toch is het belangrijk om goed uit te leggen waarom KLN zich hiervoor inzet.
KLN wil juist voorkomen dat een uitbraak van vogelgriep ertoe leidt dat alle tentoonstellingen met AI-gevoelige vogels in heel Nederland tegelijkertijd worden stilgelegd. Dat risico is reëel. Op een tentoonstelling komen dieren immers vanuit verschillende locaties samen. Wanneer daar een besmetting wordt vastgesteld, kunnen de gevolgen voor de diergezondheid en de bestrijding daarvan groot zijn.
Daarom voert KLN, samen met KleindierNed, overleg met het ministerie van LVVN en de NVWA. De inzet daarbij is duidelijk: als er ergens in Nederland een uitbraak van vogelgriep plaatsvindt, moet het mogelijk blijven om in andere delen van Nederland tentoonstellingen en keuringen te organiseren wanneer de omstandigheden dat toelaten.
Om die ruimte te behouden, moeten we als sector ook zelf laten zien dat we verantwoordelijkheid nemen en het risico op verspreiding zo klein mogelijk maken. Dat betekent onder meer dat tentoonstellingen en keuringen niet onnodig dicht op elkaar of gelijktijdig op verschillende locaties worden georganiseerd.
Dat kan op dit moment betekenen dat een vereniging minder mogelijkheden heeft dan zij graag zou willen. En dat begrijpen we. Het is vervelend wanneer een zorgvuldig voorbereide tentoonstelling moet worden aangepast of wanneer bepaalde diergroepen niet samen kunnen worden gevraagd.
Maar deze maatregelen zijn niet bedoeld om hoenders of watervogels minder belangrijk te maken. Integendeel. Juist omdat deze diergroepen een belangrijk onderdeel vormen van onze liefhebberij, wil KLN ervoor zorgen dat er ook bij een toekomstige vogelgriepuitbraak mogelijkheden blijven om te keuren, te showen en onze rassen in stand te houden.
Daarvoor is het nodig dat we met elkaar laten zien dat tentoonstellingen op een verantwoorde manier kunnen plaatsvinden.
De inzet van KLN is daarom niet minder tentoonstellingen, maar zoveel mogelijk mogelijkheden om tentoonstellingen te behouden – ook wanneer vogelgriep opnieuw ergens in Nederland uitbreekt.
Dat vraagt soms om moeilijke keuzes en aanpassingen. KLN beseft dat dit van organisatoren en liefhebbers het nodige vraagt. Tegelijkertijd is het juist deze gezamenlijke verantwoordelijkheid die kan helpen voorkomen dat een lokale uitbraak uitgroeit tot een situatie waarin de hele Nederlandse tentoonstellingssector wordt stilgelegd.
We blijven hierover in gesprek met LVVN en de NVWA en blijven ons inzetten voor de belangen van alle diergroepen en alle liefhebbers binnen KLN.





